Hoe was jouw rapport?

‘Hoe was jouw rapport?’ Ongetwijfeld een vraag die vele kinderen deze tijd van het jaar te horen zullen krijgen. Alweer nadert het einde van een schooljaar. Wat doorgaans gepaard gaat met toetsen en een rapport. Een rapport met cijfers op. Goede en/of minder goede. Cijfers die ervoor zorgen dat het ene kind vol trots het rapport aan de ouders wil tonen terwijl het andere kind doodsangsten uitstaat uit schrik voor de mogelijke reactie thuis. Wat kan je als ouder doen?

Tip 1:

Niet de punten op zich zijn belangrijk, wel de inspanning van je kind

‘Hoeveel heb je op jouw rapport?’ Het is iets waar we als ouder mee bezig zijn want uiteraard weten we graag hoe ons kind het heeft gedaan. Echter is het een uitdaging om ons als ouder niet te laten leiden door de punten alleen. Want stel dat je alleen maar geïnteresseerd zou zijn in een zo’n hoog mogelijke score, dan zou dat bijzonder jammer zijn voor je kind. Een kind is immers veel meer dan de punten op een rapport. Zo zeggen punten niets over wie een kind in feite is. Zo kan achter een minder goed punt een zorgzaam iemand zitten, die handig is en creatief en ondernemend, iemand met een warme persoonlijkheid en een groot hart. Wanneer je dan enkel het resultaat in overweging zou nemen en je jouw kind enkel daarop zou afrekenen, dan worden al deze kwaliteiten van je kind overboord gegooid. Punten zeggen ook niets over de inspanning die een kind heeft geleverd. Zo kan een kind 98% hebben gehaald zonder de minste inspanning of 65% en daar heel veel moeite voor hebben gedaan. Als je beoordeelt op grond van het resultaat blijft het tweede kind in de kou staan ondanks de inspanningen die het heeft gedaan. Het krijgt hier geen erkenning voor en voelt zich misschien wel dom. Waarom zou het de volgende keer nog moeite doen? Als je beoordeelt op grond van de inspanningen die zijn geleverd, dan verdient het tweede kind applaus. En terecht. Geef je kind dan gerust een compliment: ‘Goed gedaan!’ Het zal met reden trots zijn en zich aangemoedigd voelen om er te blijven voor gaan.

Tip 2:

Je kind niet met anderen vergelijken

Ook kunnen we weleens de neiging hebben om te gaan vergelijken. ‘Hoeveel punten heeft die en die?’ ‘Zit je boven of onder het klasgemiddelde?’ En ook al is dat misschien niet je bedoeling, je kind kan er toch onzeker van worden. Want liggen zijn of haar punten lager, dan zal je kind zich al snel de mindere voelen. Zeker wanneer je als ouder zelf ontgoocheld bent omdat je kind niet de beste van de klas is.

Tip 3:

Je kind positieve feedback geven in plaats van een negatieve opmerking of straf

Wat als het behaalde resultaat niet beantwoordt aan jouw verwachtingen? Reageer je dan boos, ontgoocheld of afwijzend? Wees je er dan bewust van dat kinderen daar heel gevoelig kunnen voor zijn. Het kan de aanzet zijn tot het kweken van faalangst. Angst om te falen omdat een kind schrik heeft om bij een slechte prestatie de waardering of liefde van zijn of haar ouders te verliezen. Sommige kinderen blokkeren en doen niets meer. Anderen gaan daarentegen nog harder werken. Het moet perfect zijn, met minder nemen ze geen genoegen. Zulke kinderen leggen zichzelf onnodig veel druk op. Faalangst en perfectionisme gaan hand in hand met een lager zelfbeeld.

Om zich optimaal te kunnen ontwikkelen op alle vlakken heeft een kind onvoorwaardelijke liefde nodig: het gevoel dat papa en mama van hem/haar houden, ongeacht het resultaat dat hij/zij neerzet. Het is voor een kind heel erg belangrijk dat het zich graag gezien voelt, ook als het minder goed gaat of wanneer het niet aan de (soms te hoge) verwachtingen van de ouders voldoet. Wees dus blij met wie je kind is en laat dit ook voelen, hoeveel procent je kind ook heeft gehaald. Bij een minder resultaat zal een kind er meer aan hebben wanneer je op een rustige, liefdevolle manier, samen met je kind, tracht te kijken naar wat er is misgelopen. Je kan als ouder je kind hierin als het ware coachen. Misschien had je kind tijdens het maken van de toets een minder moment? Of misschien had de voorbereiding van de toetsen iets beter gekund? Misschien heeft je kind de leerstof niet helemaal begrepen? Probeer er samen een leermoment van te maken. Als je kind er iets uit leert, kan het ook zijn/haar verantwoordelijkheid opnemen. En moedig je kind op een positieve manier aan. ‘Volgende keer beter. Fouten maken mag. Ik ben er voor je.’ Het kan ook dat je kind zich niet zo goed in zijn/haar vel voelt waardoor het moeilijk kan focussen en de leerstof er moeizaam ingaat. In dat geval is het belangrijk om eerst aan het geluksgevoel van je kind te werken. En dat kan door een betrokken ouder te zijn.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.