Zo houd je je relatie gezond

Als ontevredenheid de kop opsteekt

In het begin van een relatie is alles nog rozengeur en maneschijn. Je wilt zoveel mogelijk samen zijn. Je bent verliefd en toont je van je beste kant. Je stuurt lieve smsjes naar elkaar, bewondert elkaar, lacht naar elkaar, je waardeert elkaar. En je laat dat elkaar ook voelen. Op allerlei manieren. Je doet alles voor elkaar, zonder gezeur. Je relativeert. Je kan veel van elkaar verdragen. Kortom, het is grote liefde.

Wanneer je al langer bij elkaar bent dan verdwijnt die roze wolk langzamerhand en kom je terug in de dagelijkse realiteit. Aandacht gaat niet meer alleen naar je partner maar moet worden verdeeld: er is je job, het huishouden, er moet voor de kinderen worden gezorgd, afspraken worden gemaakt met vrienden, er is nog de familie en er zijn de hobby’s. Er schiet niet veel tijd meer over voor je partner en dan kunnen frustraties wel eens de kop opsteken. Het gevaar ontstaat dat negativiteit je relatie binnensluipt. Want wanneer behoeften – zoals samen zijn, een goed gesprek met elkaar hebben of een attentie krijgen – niet worden ingevuld dan laten we dit gemakkelijk op een negatieve manier merken. Zo kan je dan misschien weinig verdragen van je partner. Of geef je al eens gemakkelijk commentaar op hem of haar. Moet je soms moeite doen om vriendelijk te zijn. Of werkt hij of zij je wel eens gemakkelijk op jouw zenuwen. Soms is praten op een warme, liefdevolle manier moeilijk haalbaar en ga je eerder snauwen. Of het kan ook zijn dat je minder ontvankelijk bent voor geknuffel of een vrijpartij.

Stop met mopperen en laat de liefde weer stromen

Wanneer je hierin blijft vast hangen, riskeer je om een verzuurde relatie te krijgen. Bij negativiteit ga je uit verbinding, je duwt je partner weg en de afstand wordt groter. Is dit niet wat je wil en verlang je ernaar om de liefde (opnieuw) te laten stromen, dan heb je gelukkig hiervoor zelf de sleutel in handen. Zo is het goed om je bewust te zijn van je eigen negatieve patronen zodat je weet waar je valkuilen zitten. Vervolgens heb je zelf de keuze: in het negatieve blijven of beginnen investeren in het positieve. Wil je meer liefde voelen tussen jou en je partner dan zal het belangrijk zijn om op een positieve manier met elkaar in uitwisseling te gaan. Je partner geven wat hij (zij) nodig heeft omdat je hem (haar) graag ziet. Hiertoe hoef je niet eens grootse dingen te doen. Want de warmte en liefde zit hem in de kleine dingen. Dankbaar zijn voor wie jouw partner werkelijk is en wat hij (zij) doet. Respectvol met hem (haar) omgaan. Hem (haar) ’s morgens bij het opstaan groeten. Een zoen, een knuffel, een welgemeende ‘goeiemorgen’. Met liefde voor je partner koken. Tijd nemen voor een goed gesprek. Met kleine dingen laten blijken dat je blij bent dat je partner er is, dat je ook aan je partner denkt, dat je partner meetelt. Het huis gezellig maken en samen met je partner genieten. Rekening houden met je partner als je boodschappen doet, meebrengen wat je partner lekker vindt. Attent zijn. Hem (haar) verrassen. Een leuk briefje op tafel achterlaten als je weg moet. Zijn (haar) spullen niet systematisch op zolder zetten maar ook hem of haar ruimte in jullie huis laten innemen als hij of zij dat nodig heeft voor het werk of voor zijn (haar) hobby. Jouw partner complimenteren voor wie hij (zij) is, met al zijn (haar) kwaliteiten. Hem of haar niet proberen te kneden, te veranderen. Elkaar eens vasthouden, knuffelen of eens wat meer vrijen. En belangrijk: blijf dagelijks aandacht hebben voor elkaar en doe het met heel je hart omdat je het zelf zo wilt, niet omdat het zo moet. Je zal zien dat de liefde weer zal stromen.

 

Onhandelbare kinderen

Vorige week was er het nieuws dat het CLB vorig schooljaar in vergelijking met vier jaar eerder dubbel zoveel aanvragen kreeg om onhandelbare lagere schoolkinderen te begeleiden. Concreet trokken basisscholen 109 keer naar het CLB met de vraag om een leerling tijdelijk of definitief te schorsen (bron: http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/binnenland/1.2634135).

Ook in de klas van één van mijn kinderen is in de loop van dit schooljaar zo’n ‘onhandelbaar’ kind van school vertrokken, waarbij het kind weliswaar niet officieel werd geschorst doch de ouders zelf beslisten dat het voor iedereen het beste was om hun kind van school te halen. Niettegenstaande er van de school uit best wel inspanningen worden geleverd om kinderen een welkom gevoel te geven, kon er jammer genoeg voor dit kind geen gepast antwoord worden gevonden. Vooral pijnlijk voor het kind zelf, wiens zelfbeeld nog maar eens een deuk zal hebben gekregen.

Het is niet de fout van het kind

Nu kan je misschien denken dat dit kind het vooral aan zichzelf te danken heeft en het zelf door zijn gedrag voor problemen heeft gezorgd maar dat vind ik nogal kort door de bocht. Maar al te vaak hebben we als volwassenen direct een oordeel klaar over kinderen die zogenoemd onhandelbaar zijn of agressief of respectloos. Als volwassenen kinderen gaan afkeuren en veroordelen, dan raakt mij dit diep. Mijn hele wezen komt dan in opstand, dit om de simpele reden dat het niet allemaal zo zwart wit is. Als kinderen het moeilijk hebben met zichzelf en zich lastig of agressief gedragen is dat niet gewoon hun fout. Er is ALTIJD wel een reden waarom een kind zich op een bepaalde manier gedraagt. En ook al is het gedrag op zich niet altijd goed te keuren, toch moeten we vooral voor ogen houden dat het kind ons, volwassenen, iets wil zeggen. Er zit een boodschap achter het gedrag. Een boodschap die we als volwassenen spijtig genoeg niet altijd zien of begrijpen. Achter het moeilijke gedrag van een kind zit vaak een nood verscholen, die niet ingevuld geraakt. Met als gevolg dat het kind met kwaadheid, verdriet, pijn of angst raakt vervuld. Kwaadheid omdat het niet gezien wordt. Verdriet omdat het zich niet begrepen voelt. Pijn omdat het zich niet aanvaard voelt voor wie het is. Omdat het zonder meer een stempel krijgt opgedrukt als zijnde moeilijk of lastig of druk of raar of overgevoelig. Frustraties omdat het niet de nodige aandacht krijgt. Of omdat het wordt afgebroken. Omdat er in alle drukte geen tijd voor hem (haar) wordt gemaakt. Of omdat het zich niet goed genoeg voelt, zelfs mislukt wanneer het niet aan de (te hoge) verwachtingen van de ouders kan voldoen. Omdat het geen neen kan aanvaarden want thuis krijgt het alles wat het wil. Omdat het geen eigen mening mag hebben … En die kwaadheid, dat verdriet, die pijn of angst manifesteert zich dan in ‘onhandelbaar’ of moeilijk of agressief gedrag.

Kinderen die het moeilijk hebben, het is een thema waar ik heel gevoelig voor ben. Wellicht omdat ik zelf als kind aan den lijve ondervonden heb hoe het voelt wanneer je noden niet worden ingevuld. En geloof mij, je hoeft echt niet in extreme situaties op te groeien om schade op te lopen. Zo kan je vanuit de beste intenties door je ouders (of leerkrachten) zijn opgevoed en toch beschadigd geraken. Zo kunnen ook kleine dingen een grote impact hebben en ervoor zorgen dat kinderen niet altijd even goed in hun vel zitten. En dat laatste is niet altijd zichtbaar. Want naast de ‘onhandelbare’ kinderen zijn er ook nog de kinderen waar op het eerste zicht niets op aan te merken is. Zelf was is destijds een braaf, voorbeeldig meisje, die flink haar best deed en goede resultaten haalde op school. Van probleemgedrag of moeilijk gedrag was geen sprake. Aan de buitenkant was dus alles in orde maar van binnen voelde ik me heel onzeker en angstig. Ik overleefde in plaats van te leven en had totaal geen voeling met wie ik nu eigenlijk was en wat ik wilde. Ik heb heel wat oplapwerk nodig gehad om mezelf terug te vinden en mijn eigenwaarde terug op te krikken. En ook in mijn praktijk zie ik veel mensen die op een of ander vlak vastzitten en ergens wel schade hebben opgelopen doordat ze als kind niet altijd kregen wat ze nodig hadden.

Een pleidooi voor meer bewustwording

Laat mij echter wel duidelijk zijn: het allerlaatste wat ik wil is ouders een schuldgevoel aanpraten of hen bekritiseren. Maar laat ons aan de andere kant ook niet onze verantwoordelijkheid van ons afschuiven. Want wanneer we voor onze kinderen niet de nodige tijd nemen, niet voldoende betrokken zijn, niet de moeite nemen om echt te luisteren, wanneer we te weinig of teveel grenzen stellen, hen teveel verwennen en in alles toegeven, hen overladen met cadeaus om het gebrek aan echte aandacht te compenseren … dan is dit niet zonder gevolg. Laat ons dan ook niet het kind met de vinger wijzen wanneer het moeilijk doet maar laat ons verder kijken en aandacht hebben voor de achterliggende boodschap. Laten we ons meer bewust worden van wat onze kinderen echt nodig hebben. Meer bewust worden van ons eigen handelen en de impact ervan op onze kinderen. Bewust worden van de manier waarop we met kleine inspanningen een groot verschil kunnen maken. Laat ons af en toe stilstaan en de tijd nemen voor reflectie. We hebben allemaal onze bagage, bij de één wat meer gevuld dan bij de ander. We maken allemaal wel eens fouten, ook ik, en dat is oké. Niemand is perfect. Dat hoeft ook niet. Maar belangrijk is wel dat we naar onszelf durven te kijken, op een eerlijke manier, en dat we onszelf bijsturen wanneer ons kind het nodig heeft. Het is een oproep om in verbinding te gaan, met onszelf en met ons kind. En soms zien we het gewoon niet omdat we er zelf middenin zitten en dan kan een deskundige blik van buitenaf ons verder vooruit helpen.

Kinderen die moeilijk doen hebben geen nood aan oordeel of afwijzing. Wel aan warmte, liefde, positieve aandacht. Zie hun kwaliteiten, luister naar hen en kijk naar hen. Maak tijd voor hen, investeer in hen en zorg dat je als ouder betrokken bent. Dat is wat ieder kind nodig heeft. Alleen zo krijg je gelukkige en veerkrachtige kinderen.

Ochtendstress

De wekker loopt af. Voor velen het startsein voor de dagelijkse ochtendrush. Vaak is het een strijd tegen de klok. Kinderen die op tijd klaar moeten zijn: gewassen, gekleed, ontbeten, haren gekamd, boekentas klaar, alles mee voor school. Tussendoor moeten er boterhammen worden gesmeerd, moet je jezelf nog klaarmaken en wordt het weer een sprint om op tijd op school en het werk te geraken. Je hoort jezelf tegen de kinderen als een mantra herhalen: ‘Doe eens voort. Treuzel niet zo. Ben je nu nog niet klaar? Kan het niet wat vlugger?’ Nog voor de dag goed en wel is begonnen, moet iedereen al bekomen van de stress.

Aanpakken, die ochtendstress!

Herkenbaar? Gelukkig is de ene dag de andere niet maar wanneer ochtendstress in je huis een vast ritueel zou zijn, dan is het misschien wel het moment om hierin verandering te brengen. Want waarom elke ochtend zo lopen stressen terwijl dat nergens goed voor is? Stress is niet goed voor je gezondheid. Stress maakt je moe. Stress ontneemt je eetlust waardoor je minder goed gaat ontbijten. Stress zorgt ervoor dat alles minder vlot verloopt. Stress creëert een gespannen sfeer in huis. Het werkt op je gemoed. Het maakt je prikkelbaar. Je gaat vlugger snauwen tegen je kind, maakt je vlugger boos.

Dus waarom niet kiezen voor een andere aanpak? Hoe leuk zou het niet zijn om de dag op een ontspannen manier te kunnen starten. Met voldoende tijd om je zonder teveel stress klaar te maken, voldoende tijd om fatsoenlijk te eten, voldoende tijd om ook nog eens echte aandacht voor elkaar te hebben. Je doet er je kind een groot plezier mee want ook voor een kind is het erg belangrijk om met een ontspannen hoofd de schooldag te kunnen aanvatten.

Tips voor een stressvrije ochtend

Met deze tips kan je al heel wat stressfactoren wegnemen:

  1. Voorbereidingen daags voordien

Je kan de avond voordien reeds de tafel dekken, boekentassen klaarzetten, eventuele brieven van school lezen en papieren invullen, de kleren van je kinderen klaarleggen (als ze groot genoeg zijn, kunnen ze dat natuurlijk zelf). Zo voorkom je dat je ’s morgens vroeg op het laatste moment nog iets moet beginnen zoeken of invullen of strijken. Je was en strijk bijhouden kan dan weer helpen om een voorraad propere kleren te hebben en discussies over de lievelingsbroek die nog steeds niet is gewassen te voorkomen. En ja, wees gerust, zo’n situatie overkomt iedereen wel eens. En ook dat is best oké.

  1. Op tijd gaan slapen

Als iedereen (ouder én kind) voldoende geslapen heeft, gebeurt het opstaan des te gemakkelijker. Je bent fris en monter en alles loopt zoveel vlotter, terwijl als je moe bent, alles trager gaat. Een moe kind is bovendien niet altijd even meegaand.

  1. Op tijd opstaan

Als je weet hoeveel tijd je ’s morgens nodig hebt om zonder gestress alles rond te krijgen, probeer er dan voor te zorgen dat je deze tijd neemt. Het is een kwestie van op tijd de wekker te zetten en consequent op te staan.

  1. Zelf rustig blijven

Onder tijdsdruk staan, de ene kan er beter tegen dan de ander. Probeer zelf rustig te blijven wanneer niet alles loopt zoals je zou willen. Want wanneer jij gestrest en gefrustreerd reageert, dan stressen kinderen gewoon mee. Wordt het te spannend, adem dan eens diep in en uit en laat alle spanning los.

  1. Vaste structuur

Een vaste structuur kan helpen om alles vlot te laten lopen. Eerst wassen, dan kleden, dan ontbijten, boterhammendoos in de boekentas, alsook het tien- en vieruurtje, haren kammen, in een staart, vlecht of dot, tanden poetsen. Een vaste structuur geeft kinderen een houvast en helpt hen om te doen wat ze moeten doen.

  1. Samen ontbijten

Samen aan tafel zitten (maar dan wel zonder tv, zonder tablet en zonder smartphone) nodigt uit om fatsoenlijk te eten. Heel belangrijk want een hongerig kind kan nu eenmaal niet leren. Probeer daarbij te zorgen voor een voedzaam en gezond ontbijt. Ook voor jezelf. Als je samen aan tafel zit, doet iedereen ook voort en ben je bovendien met elkaar bezig: je babbelt met elkaar, maakt een grapje tussendoor, zingt samen mee met een liedje op de radio, … Het is gewoon leuk om ’s morgens dat moment samen te hebben. En de aangename sfeer zorgt er tegelijkertijd voor dat alles zoveel vlotter verloopt.

  1. Het hoeft niet perfect te zijn

Verwacht niet dat alles 100% perfect loopt want dat is toch onmogelijk. En er zijn nu eenmaal vlotte dagen en minder vlotte dagen. Probeer gerust de lat wat lager te leggen en te genieten.

Je kind als luisterend oor

Emoties uiten om te kunnen verwerken

Onlangs kwam er iemand naar mijn praktijk. Een intelligente vrouw die na 20 jaar huwelijk plots in een scheiding zit, met 2 beginnende tieners in huis. Ze heeft de breuk niet zien aankomen, dacht dat de relatie met haar partner goed zat, is voor een aantal dingen blind geweest om dan plots met de harde realiteit geconfronteerd te worden. Kortom, ze heeft heel wat te verwerken, wat gepaard gaat met veel verdriet, veel pijn, veel kwaadheid. Om zoveel emoties te kunnen verwerken is het belangrijk dat je ze kan uiten. Dat je erover kan praten. Opkroppen is voor niemand goed. Emoties moeten naar buiten kunnen komen. Het maakt deel uit van het verwerkingsproces.

Steun zoeken bij je kind

Ook deze vrouw heeft het nodig om te praten. Alleen vindt ze haar gesprekspartner (te) dicht bij haar. Haar oudste dochter is een toffe meid, een gevoelig meisje die graag anderen helpt. Moeder en dochter hebben een heel close band. Nu is een goed contact hebben met je kind natuurlijk wel positief maar het gevaar bestaat erin dat wanneer je het als ouder moeilijk hebt, het best wel verleidelijk is om je hart eens bij jouw kind te luchten. Ook deze vrouw huilt af en toe uit bij haar dochter en praat met haar over haar gevoelens en frustraties. En terwijl ze mij dit vertelt beseft ze eigenlijk zelf wel dat dit misschien toch niet zo’n goed idee is, maar ja, haar dochter kan goed luisteren en is heel zorgzaam en de vrouw in kwestie heeft ook wel veel aan haar dochter. Haar dochter verstaat haar en zegt wijze dingen. En ook al kan ik dit begrijpen en is het menselijk dat dit gebeurt, toch heb ik haar op een zachte en respectvolle manier duidelijk gemaakt dat je dit als ouder beter niet doet.

Laat een kind vooral een kind zijn

Want wat gebeurt er als je steun zoekt bij je kind? De rollen worden omgekeerd. Het kind gaat zorgen voor de ouder. Als een kind ziet dat een ouder het moeilijk heeft, dan wil het de ouder helpen. Door te troosten, door problemen te willen oplossen. Maar dit is best wel belastend voor een kind. Een kind kan hierdoor geen kind meer zijn en gaat in de zorgende rol van de ouder gaan staan. Eigen emoties worden opzij gezet en krijgen geen plek. Het eigen verwerkingsproces komt op pauze te staan.

Wil je een kind kind laten zijn, dan is het belangrijk dat je als ouder elders steun of troost of hulp zoekt. Bij familie, een vriend(in), een collega, … of iemand professioneel. Natuurlijk mag je kind wel zien dat je het moeilijk hebt en af en toe wel verdrietig bent – dan leert je kind dat gevoelens er best wel mogen zijn – maar het is belangrijk dat je jouw kind duidelijk maakt dat wanneer je het te moeilijk hebt je voldoende mensen rondom je heen hebt waar je terecht kan. Dat je, met andere woorden, de verantwoordelijkheid opneemt om voor jezelf te zorgen zodat je kind dat niet voor jou hoeft te doen. En wat meer is, als jij als ouder voor jezelf zorgt, dan zal je ook voor je kind beschikbaar kunnen zijn, wanneer die het nodig heeft.

Tenslotte nog dit: steun zoeken bij je kind kan een valkuil zijn voor gescheiden ouders, maar ook wanneer jullie nog samen zijn zou je als ouder, wanneer je niet bij je partner terecht kan, de neiging kunnen hebben om bij jouw kind je hart te luchten. Probeer je hiervan bewust te zijn en je hier zo veel mogelijk van te onthouden.

Geven en nemen tussen ouder en kind of waarom je er goed aan doet om hulp van je kind in het huishouden toe te laten

‘Mama (papa), dit is voor jou’ en je krijgt een tekening van je kind, speciaal voor jou gemaakt. Of een briefje waarop staat geschreven: ‘Je bent de liefste mama (papa) van de hele wereld’. Je smelt ter plekke. Tenminste dan toch wanneer je met je aandacht in het moment zit. En daar klemt soms wel eens het schoentje. Want maar al te vaak laten we zo’n momenten aan ons voorbij gaan zonder de boodschap echt in te nemen. Wanneer we het bijvoorbeeld te druk hebben of andere dingen aan ons hoofd, kan het wel eens gebeuren dat een tekening bij het papier belandt of ergens blijft liggen waar het argeloos werd achtergelaten. Zonder er écht naar te kijken. Zonder er écht aandacht voor te hebben. En eigenlijk is dat jammer want, ook al is dat niet je bedoeling, je laat jouw kind op die manier niet toe jou iets te geven. Want dat is wat een kind (onbewust) wil doen, mama en papa iets teruggeven voor al wat het krijgt. Het gaat over de dynamiek van geven en nemen. En hoe dat in elkaar zit, leg ik je nu even uit.

Geven en nemen in balans

Ken je dat gevoel dat wanneer iemand jou een dienst heeft bewezen waar je heel dankbaar voor bent, je graag iets voor die persoon zou willen terugdoen? Niet meer dan normaal denk je dan misschien en dat is omdat we van nature uit op zoek gaan naar een evenwicht tussen geven en nemen. Wanneer iemand ons iets geeft, dan krijgen we diep van binnen het gevoel dat we bij die persoon in de schuld staan. En omdat dit nu eenmaal een toch wat ongemakkelijk gevoel geeft, willen we dit wegwerken door iets terug te doen. Op die manier creëren we een evenwicht tussen het geven en het nemen. Alleen zo kunnen we een gezonde relatie uitbouwen met onze partner maar evengoed met een vriend(in) of collega of baas.

Soortgelijk heeft ook een kind (onbewust) de reflex om als tegenprestatie voor wat papa en mama allemaal doen iets terug te geven, alleen speelt hier het evenwicht tussen geven en nemen minder mee, omdat het nu eenmaal in de eerste plaats de ouder is die geeft aan het kind en niet omgekeerd. Zo hoort het toch te zijn: als ouder zet je een kind op de wereld, je geeft het leven door, je verzorgt, voedt op en geeft kennis door. Een kind kan dit niet in dezelfde mate teruggeven aan de ouder. Wel zal het kind, eens het zelf ouder is geworden, op zijn beurt geven aan het eigen kind. Op die manier wordt het evenwicht tussen geven en nemen alsnog over de generaties heen bereikt.

Fysiek vs emotioneel geven

Maar los van dit evenwicht wil een kind dus aan mama en papa geven en het doet dit zoals een kind dat doet. Door een mooie tekening te maken. Of iets te knutselen. Door een briefje te schrijven of te helpen bij huishoudelijke taken. De tafel dekken en afruimen, de vaatwas vullen en legen, opruimen, stofzuigen, strijken … een kind geeft in de eerste plaats op een fysiek, tastbare manier.

En dat is belangrijk om te weten. Daarom dat ik iedere ouder wil meegeven: laat zo’n moment niet zomaar passeren, heb er aandacht voor, wees dankbaar en probeer wat je van je kind krijgt ten volle in te nemen. Hang de tekening op of geef het een speciaal plaatsje. En betrek je kind bij het huishouden. Je beseft het misschien niet maar je geeft je kind een groot cadeau door het taakjes te laten doen, afgestemd op de leeftijd. Want wanneer een kind niet op een fysieke manier kan geven – bijvoorbeeld doordat je als ouder hulp van je kind in het huishouden niet toelaat en je alle taken liever zelf doet (want dan is het beter of vlugger gedaan) of doordat je het gekregene niet inneemt: je besteedt er geen aandacht aan of je hebt er kritiek op – dan zal het kind op een ‘onzichtbare’ manier geven, door de emoties van papa of mama te dragen.

Ik kan er zelf van meespreken. Zelf moest ik thuis niets doen. Meehelpen in het huishouden, veel zal het niet geweest zijn. Een luxesituatie, zo op het eerste zicht. Maar schijn bedriegt want alles heeft een keerzijde. Achteraf ben ik gaan beseffen dat daar waar ik thuis niet echt de handen uit de mouwen moest steken ik des te meer op emotioneel vlak hielp. Door te luisteren naar mijn moeder wanneer ze het nodig had om dingen van haar af te praten. Door een sterke schouder aan te bieden wanneer ze steun nodig had. Door flink en braaf te zijn en mijn moeder niet nog meer te belasten wanneer ze al genoeg aan haar hoofd had. Op die manier kon ik toch nog mijn steentje bijdragen voor al wat ik kreeg. Maar gezond was dat niet. Het is immers niet de taak van een kind om voor de ouder te zorgen. De rollen worden dan omgekeerd en een kind kan niet gewoon kind zijn. Emotioneel dragen, daar staat bovendien geen eindpunt op. En het heeft dan ook heel wat voeten in de aarde gehad om te stoppen met voor mijn ouders te dragen en te starten met te zorgen voor mezelf.

Laat je kind helpen in het huishouden

Dus één goeie raad: heb je de neiging om het huishouden zelf te beredderen en je kind hierbij met rust te laten, probeer hier dan anders mee om te gaan door je kind erbij te betrekken. Want wanneer je jouw kind laat helpen in het huishouden, dan zal je kind het onzichtbare niet hoeven te dragen. Bovendien leert je kind op die manier bij, doet het ervaring op en zet het stappen naar meer autonomie wat goed is voor zijn ontwikkeling. Dubbele winst dus, voor jou en je kind!

Hoe communiceer jij met je partner, …?

Maak je wel eens mee dat een gesprek met jouw partner op een hoogoplopende discussie uitdraait? Of dat je zo gekwetst bent, dat je geen woord meer kan uitbrengen? Dat je je niet begrepen voelt of het gevoel hebt niet gehoord te worden? Dat één van de twee tijdens het gesprek wegloopt? Of dat je op een bepaald moment niet meer weet waarover de discussie gaat? Of heb je al eens het gevoel gehad dat je tegen een muur aan het praten bent?

Wanneer een gesprek jou geen rust heeft gebracht, dan is er duidelijk iets met de communicatie misgelopen.

Verbindende communicatie

We staan er niet altijd bij stil hoe we de dingen tegen elkaar zeggen. We zijn er ons dan ook niet altijd bewust van hoe we met onze taal een gesprek in de verkeerde richting kunnen duwen. We praten zoals we het gewoon zijn, zoals we het hebben geleerd, zoals we het thuis hebben gehoord. Ook al is die manier van praten niet altijd efficiënt.

Nochtans maakt de manier waarop we met elkaar praten een groot verschil uit. Zo kan je ongewild door jouw woordgebruik of intonatie de ander helemaal van je wegduwen, waardoor jullie niet echt tot een constructief gesprek komen. En soms kan het praten jullie wel degelijk dichter bij elkaar brengen. Jullie zijn er dan in geslaagd om op een verbindende manier met elkaar te praten.

Om een gesprek succesvol te laten verlopen, helpt het om je eigen communicatiepatronen te kennen. Volgende vragen nodigen je uit om eens stil te staan bij de manier waarop jij met je partner of anderen communiceert:

  • Als je gaat praten, kies jij dan een moment uit dat er ruimte is voor een gesprek of kan je evengoed beginnen praten als één van de twee dringend weg moet?
  • Als je partner een gesprek aanknoopt, ben je dan met je hoofd bij het gesprek of gebeurt het wel eens dat je ondertussen met andere dingen bezig bent?
  • Zeg je wat je écht wil zeggen of draai je eerder rond de pot?
  • Communiceer jij op een assertieve manier (ik-boodschap) of op een agressieve manier (eisend, oordelend, verwijtend)?
  • Praat je of spuw je?
  • Ga je eerder kritiek dan wel complimenten geven?
  • Geef je de ander de ruimte om te spreken? Of ben je liever zelf de hele tijd aan het woord?
  • Laat je de ander uitspreken?
  • Kan je luisteren naar wat écht gezegd wordt? Of ben je vooral met je eigen verhaal bezig?
  • Kijk jij iemand aan als je praat of kijk je liever weg?
  • Ben jij iemand die gemakkelijk in de verdediging gaat als er iets wordt gezegd? Levert dat een positief resultaat op?
  • Haal je soms oude koeien uit de gracht? Hoe wordt daar dan op gereageerd?

Nu je even hebt stilgestaan bij de manier hoe jij met je partner communiceert, kan je dan zeggen dat je je via de communicatie met je partner verbindt, dat er ruimte is voor wederzijds respect, dat het gesprek jou rust heeft gebracht? Of drijft het jullie eerder uit elkaar? Maakt het de afstand tussen jullie groter?

Is het eerder het laatste, dan volgen hier enkele tips om op een verbindende, liefdevolle wijze te leren communiceren:

  • Probeer enkel te praten wanneer daar de tijd voor is
  • Probeer aanwezig te zijn in het moment en niet met je hoofd elders anders
  • Praat in plaats van te spuwen
  • Praat vanuit het ik: wat jij voelt, wat jouw behoefte is ipv je partner met de vinger te wijzen
  • Wees authentiek
  • Probeer te zeggen wat je écht wil zeggen, wees duidelijk en concreet
  • Geef je partner de kans geven om te reageren
  • Geef je partner de ruimte om zich uit te spreken
  • Probeer te luisteren naar wat echt gezegd wordt
  • Laat gerust in een gesprek stilte toe
  • Maak oogcontact
  • Let op een open lichaamshouding
  • Heb respect voor de ander en accepteer elkaars waarden en normen
  • Vermijd het om kritiek te geven, verwijten te maken, oude koeien uit de gracht te halen, met pijlen te schieten, misbruik te maken van je partner zijn/haar zwakke plekken, je partner te beledigen

Ga je hiermee aan de slag, probeer dan om niet alle tips tegelijkertijd toe te passen. Eén puntje per keer zal beter werken. Op een andere manier leren communiceren vraagt immers tijd en heel veel oefening. Probeer er plezier in te houden en ga zeker niet teveel jouw best doen want dan wordt het te lastig en haak je uiteindelijk toch af.

Succes ermee!

Hoe creëer je een warm nest?

Een haardvuur, het hele gezin gezellig onder een dekentje in de zetel, eentje die een scheet laat waarna iedereen in de lach schiet. Ziedaar de stereotiepe invulling van een warm nest. Maar hoe maak je er eentje voor jouw gezin – ook al heb je geen openhaard of een zetel waar jullie allemaal samen in passen?

Relatietherapeute en oudercoach Katrien Ballinckx schreef een boek met als toepasselijke titel Het Nest. ‘Je huis is meer dan een hoop bakstenen’, zegt ze. ‘Het is de basis van waaruit je kinderen uitvliegen, het startpunt van hun ontplooiing tot veerkrachtige volwassenen. Om dat optimaal te kunnen doen hebben ze een warm en veilig nest nodig.’ Maar welke elementen transformeren die hoop bakstenen nu precies in een gezellige thuis? ‘Denk aan het moment dat je thuiskomt’, aldus Ballinckx. ‘Wat ervaar je net voor je de deur opent? Kijk je uit naar het moment van rust of zie je op tegen de chaos die je binnen wacht? Verheug je je op een lekker avondmaal en de verhalen van de kinderen of denk je vooral aan alles wat er die avond nog moet gebeuren? Hoe je je voelt zegt veel over jouw nest en wat jij daaronder begrijpt. Want de ene houdt van een kraaknette hal, terwijl de andere zich thuis voelt in een rommelige entree. Sommige mensen worden gelukkig van een huis dat tot in de puntjes af is, terwijl anderen imperfectie perfect vinden. Het belangrijkste van een nest is dat elk gezinslid – jij, je partner, jullie kinderen – zich er welkom voelen, dat ieder van jullie het gevoel heeft dat er rekening wordt gehouden met hem of haar. Heeft iedereen voldoende ruimte voor zichzelf? Is er een plek waar jullie met z’n allen comfortabel samen kunnen zijn? Is het er warm? Ruikt het er lekker? Het kan banaal lijken maar het zijn die details die een huis vaak huiselijk maken. Toch is een nest zoveel meer dan de fysieke elementen. Het zijn de relaties tussen jou en je partner, tussen jullie en de kinderen en tussen de kinderen onderling die de sfeer in huis bepalen en iedereen stimuleert om de beste versie van zichzelf te zijn of te worden. Katrien Ballinckx leidt je in zes vragen naar een nest dat jou en je familie perfect past.

Mogen je kinderen zichzelf zijn?

Over verwelkomen

Kinderen zijn vaak heel geïnteresseerd in de periode voor en van hun geboorte. ‘Waren jullie blij toen ik geboren werd?’ en ‘Waar ben ik verwekt?’ Ze zoeken naar sporen van het feit dat ze gewenst en welkom waren. Welkom heten begint dus al bij het moment van de verwekking, en zelfs daarvoor. Maar het is iets waar je elke dag aan werkt. Door op een liefdevolle manier voor je kind te zorgen toon je dat het de moeite waard is. Daarvoor is het ontzettend belangrijk om je kind graag te zien zoals het is, inclusief alle emoties en vragen die het heeft. We hebben vaak weinig tijd om op eindeloze waaromvragen te antwoorden en soms gaat het om dingen die we zelf gênant of pijnlijk vinden. ‘Waarom zijn Sara en Freek uit elkaar?’ ‘Wat is er gebeurd met het kindje in jouw buik?’ ‘Hoe was jouw eerste keer?’ Praten is nodig om gevoelens een plek te leren geven, en dat kan enkel als je als ouder echt luistert en begrip toont voor de vragen en emoties van je kind. Heb je het lastig met een bepaald onderwerp, neem dan toch de moeite om een eerlijk antwoord te formuleren op maat van je kind. Want zelfs al kunnen ze het nog niet verwoorden, kinderen voelen heel goed aan als er iets aan de hand is.

Advies van de oudercoach:

Zelfs al was een kind ‘een ongelukje’ of zelfs al was je niet bij de geboorte – omdat je een plusouder bent bijvoorbeeld – kan je je kind elke dag opnieuw verwelkomen in het nest. Door een lekker hapje te voorzien als het thuiskomt van school, door het eens extra te verwennen als het ziek is of door het ‘s avonds voor het slapengaan lekker in te duffelen. Een warme goeiemorgen kan wonderen doen, net als schone lakens op het bed of een tekening ophangen die je kind speciaal voor jou heeft gemaakt. Start eens een onverwachte pannenkoekenbak, geef een compliment voor iets wat bijna routine is, eindig de dag met een leuk verhaal of voer een warm en rustig gesprek. Lukt dat laatste moeilijk dan kan je misschien samen eens een cake bakken of gaan wandelen. Door iets te doen wat je kind leuk vindt kan je pendelen tussen het gesprek en de activiteit. Een stilte is dan niet zo erg, en door je af en toe op de taak te concentreren kan je bij momenten ook wat afstand nemen.

Ben je er onvoorwaardelijk voor je kinderen?

Over aanwezig zijn

Je bent aan het werk, je bereidt een speech voor, je checkt even je laatste instagramfeeds of je maakt een boodschappenlijstje. Er zijn talloze momenten waarop je wel thuis bent maar met je hoofd helemaal ergens anders zit. Wat doe je als je kind dan met een vraag komt? Of een mop? Of een verhaal zonder einde? De verleiding is vaak groot om je kind op zo’n moment af te wimpelen of om maar met een half oor te luisteren. Hoe druk je het ook hebt, probeer even stil te staan bij de vraag waarom je kind op dat moment naar jou toekomt. Want achter een ogenschijnlijk banaal verhaal kan wel eens een andere boodschap schuilen die veel essentiëler is. En worden die essentiële vragen te vaak afgewimpeld dan geef je je kind eigenlijk mee dat het niet bij jou terecht kan. En dus zal het het ook moeilijk hebben om vertrouwen te ontwikkelen. Want een kind krijgt pas vertrouwen in zijn omgeving – en later in zichzelf – als het weet dat zijn ouders er zijn als dat nodig is. Aanvankelijk is dat heel letterlijk: pakken mijn ouders me op als ik huil? Krijg ik eten als ik honger heb? Later zijn de noden minder uitgesproken, maar daarom niet minder pertinent. Luisteren mijn ouders naar mij als ik nood heb aan aandacht? Kunnen ze me geruststellen als ik bang ben voor iets nieuws?

Advies van de oudercoach:

Je hoeft als ouder niet elk moment voor je kind klaar te staan. Natuurlijk moet je er zijn als het echt nodig is maar verder is het vooral belangrijk om regelmatig gerichte aandacht te schenken. Een aaneenrijging van bewuste momenten, waarop je voeling leert krijgen met wie je kind is, is meer dan voldoende. Het zal het voor jou gemakkelijker maken om door te hebben wanneer je kind wat nodig heeft.

Zijn er dingen die je kinderen niet mogen?

Over grenzen stellen

Je kind heeft grenzen nodig, stelt de hechtingstheorie. Want grenzen geven je kind houvast. Ze bakenen de ruimte af: hier is het veilig en daar niet meer. Op termijn zal een kind dat geen grenzen kent zich verloren voelen. Het mist een ankerpunt en voelt zich aan zijn lot overgelaten. Een kind dat zonder grenzen is opgevoed zal dat gevoel altijd met zich meenemen. Een kind dat teveel begrensd wordt zal op termijn dan weer niks durven omdat het vastgezet wordt zonder enige ruimte voor exploratie. Een goede grens zit daar ergens tussenin en is voor elk kind verschillend. En wat als je kind de grenzen niet respecteert? Stel jezelf dan in de eerste plaats de vraag waarom dat zo is. Misschien heeft je kind gewoon honger en wordt het daar lastig van, waardoor het niet luistert. Misschien zijn je verwachtingen niet realistisch en/of misschien heeft het op school iets meegemaakt wat het uit evenwicht bracht. Vergeet ook niet dat het gezond is dat kinderen een grens af en toe eens overschrijden. Als het kind ervaart dat het oké is om fouten te maken bij het exploreren zal het falen niet als een mislukking maar als een leermoment beschouwen.

Advies van de oudercoach:

Grenzen aangeven doe je vanuit innerlijke kracht, zodat je ‘nee’ gedragen wordt. Kinderen voelen meteen of het ouders menens is of niet. Een zwakke, weinig overtuigende ‘nee’ werkt zelfs bij jonge kinderen niet. Let erop dat je rechtstreeks contact legt met je kind want vanuit een andere kamer ‘nee’ roepen zal weinig effect hebben. Leg uit waarom een grens een grens is en blijf vooral consequent.

Waar zijn jouw kinderen goed in?

Over een positief zelfbeeld creëren

Je zeker voelen van jezelf maakt je weerbaar. En dat vertrouwen in jezelf ontwikkel je vooral vanuit een positief zelfbeeld. Dat je als ouder een grote impact hebt op de eigenwaarde van je kind klinkt evident. Maar in de praktijk handelen we er niet altijd naar. Uit gewoonte, omdat we met ons hoofd ergens anders zitten of omdat we hen niet teveel willen pamperen. ‘Kan je niet beter dan zeven op tien?’, zeg je misschien. Of ‘Wat nu weer?’ en ‘je broer kan dat veel sneller dan jij.’ Probeer je als ouder bewust te zijn van de mogelijke impact van een boodschap voor je ze geeft en luister goed naar hoe je kind erop reageert. Zeg je iets tegen je kind en begint het zich onmiddellijk te verantwoorden dan mag je er zeker van zijn dat jouw woorden als kritiek zijn binnengekomen. Het zelfbeeld van je kinderen krijgt ook een positieve boost door succeservaringen. Laat je kinderen iets eenvoudigs doen zoals helpen bij het koken of bij het klussen en let erop dat het project of de taak haalbaar is voor je kind en tegelijk een zekere inspanning vraagt.

Advies van de oudercoach:

Formuleer positieve feedback in plaats van kritiek. Positieve feedback is niet hetzelfde als complimenten geven: je kind heeft niet bij alles een groot applaus nodig. Het betekent dat je je bij negatieve ervaringen openstelt om te luisteren naar je kind en dat je op een rustige manier vragen stelt zoals ‘hoe is dat kunnen gebeuren?’, ‘hoe komt dat?’, ‘wat vind je er zelf van?’, ‘welke conclusie trek je daaruit?’ In het gesprek dat daaruit ontstaat kan je je kind begeleiden om zelf tot inzichten te komen eerder dat het iets op te leggen. Wanneer je kind het een volgende keer effectief anders aanpakt kan je samen kijken of die verandering al dan niet een succes is.

Hebben je kinderen dit nodig?

Over voedend opvoeden

Een nest bouwen gaat over het invullen van de noden van je kind. Het is iets om heel bewust bij stil te staan want we veronderstellen dikwijls dat we wel weten wat ons kind nodig heeft. Die veronderstellingen zijn vaak gekleurd door onze eigen achtergrond en onze eigen noden. Hij heeft nood aan rust, zeg je, maar eigenlijk ben jij dat. Of je vindt dat ze een knuffel nodig heeft, maar eigenlijk zoek je zelf troost. Zoiets voelt een kind haarfijn aan en het zou ertoe kunnen leiden dat je kind zich vooral focust op het opvullen van jouw noden in plaats van omgekeerd. En soms merk je wel dat je kind het moeilijk heeft maar blijf je hangen bij het probleem in plaats van verder te kijken naar de achterliggende nood. Hoe beter je je kinderen leert kennen, hoe beter je ook zal leren herkennen wat ze op dat moment écht nodig hebben.

Advies van de oudercoach:

Onderzoek de wereld van je kind met als leidraad ‘is dit voedend voor mijn kind?’ Of het nu gaat om eten (heeft je kind ontbeten ‘s ochtends? Staat er iets klaar als ze honger hebben?), beweging (voelt je kind zich goed in een competitief milieu? Gaat het graag naar de jeugdbeweging?), de school (is dit de goede richting voor mijn kind?). Het is een eindeloze vraagstelling en een oefening die je best voor elk van je kinderen apart doet.

Zijn jij en je partner een goed team?

Over liefhebben

Of je nu een ouder bent in een traditioneel of in een nieuw samengesteld gezin, een warm en veilig nest ontstaat altijd vanuit de liefde tussen twee partners. Die relatie vormt de basis van het nest. Zit het tussen jullie niet helemaal goed dan loop je het risico dat jouw nest scheuren en barsten zal vertonen. Daardoor mist je kind de veiligheid en verbondenheid die het nodig heeft. Het is dan ook ontzettend belangrijk om te blijven investeren in de relatie met je partner, wat in de praktijk betekent dat je moeite doet om komaf te maken met demonen uit het verleden en tijd maakt om samen fijne dingen te doen.

Advies van de oudercoach:

De oefening die je je over kinderen kan maken zou je ook kunnen toepassen op jullie relatie. ‘Is dit voedend voor onze liefde?’ Heeft elk van jullie een eigen ruimte in huis? Moet je eigenlijk wel elk weekend langsgaan bij jouw ouders? Hoeveel avonden zitten jullie samen aan tafel? Enzovoort.

(Psychologies Magazine, april 2015)

Waarom ben je jaloers op zijn ex?

Je zoekt angstvallig naar sporen van haar op zijn facebookpagina en als hij haar naam noemt slaat je hart een tel over. Zij, de EX. Waarom ligt het liefdesverleden van je partner zo gevoelig? Lees en leer.

‘Ik ben nooit het jaloerse type geweest, en met Gerald was dat niet anders. Na drie jaar samen bleek echter dat we nooit kinderen zouden hebben. Met zijn ex heeft Gerald een dochter en een zoontje, en dat vond ik zo onrechtvaardig dat zij het sindsdien moet ontgelden. Hoe vaak hij me ook zegt dat onze relatie alles is wat hij bij zijn ex miste, ik kan geen foto van haar tegenkomen of ik heb hem verscheurd.’ Hoe goed een relatie ook mag zijn, jaloersheid zoals Caroline die beleeft kennen veel vrouwen – en mannen – in meer of mindere mate. Het glas wijn bij zonsondergang op een idyllische plek, de grapjes die enkel zij twee begrepen, het geruite chique hemd dat zij hem ooit gaf … Het verleden van je partner en zijn ex zal je nooit helemaal kunnen vatten, en dat zorgt soms voor jaloezie. Maar hij heeft toch voor jou gekozen? Waarom dan dat krachtige en in bepaalde gevallen verschroeiende gevoel?’

Omdat de relatie  met de ex nog niet afgesloten is

‘Na een lange werkdag zaten we eindelijk in de zetel met een boek, tot rond elf uur de bel ging’, zegt Helène. ‘Zijn ex, om de lievelingspyjama van hun zoontje nog even te komen halen. Die was niet mee verhuisd met de rest van zijn kleertjes, speelgoed en boekentas. Dat doet ze wel vaker. Hoewel ze al twee jaar uiteen zijn heeft ze nog altijd de sleutel van de achterdeur. Hij heeft de moed niet om die terug te vragen, want hij is per slot van rekening degene die haar in de steek gelaten heeft door met mij een relatie te beginnen. ‘Als je zijn vroegere partner als een rivale ziet is jaloezie vrijwel onvermijdelijk’, zegt relatietherapeute Katrien Ballinckx. ‘Je hebt het gevoel dat zij nog uitreikt naar hem, en dat zorgt voor onzekerheid.’ Het kan ook omgekeerd, misschien kan jouw partner haar niet loslaten. Omdat de scheiding niet netjes verlopen is, of omdat hij nog steeds een vorm van liefde voor haar voelt. ‘Als je in een relatie stapt moet je een bladzijde omslaan’, zegt ook seksuologe Sybille Vanweehaeghe. ‘Dat betekent dat je afspraken maakt met je vorige partner en je nieuwe, zodat jullie weten wat kan en wat niet. Onzekerheid kan immers veel verwoesten. Ik geloof ook niet in intense vriendschap tussen vroegere partners. Zeker als er ooit sprake is geweest van een passionele relatie.’ Is de relatie nog niet afgesloten dan is enige vorm van jaloezie misschien gegrond. Maar wat als er geen reden tot ongerustheid is? En je toch telkens een steek van jaloezie voelt als zij ten tonele verschijnt?

Omdat je bang bent dat je minder bent dan zij

‘Ik zie haar nog zitten aan de bar, met een knappe man aan haar arm’, zegt Alexandra. ‘De ogen van het hele café op haar gericht. Volle rode lippen, een figuur om door een ringetje te halen, een grapje waar alle omstaanders mee moeten lachen. Hij ook, haar ex-partner en mijn man. Lacht hij wel eens zo met mijn grapjes? En is hij wel gelukkig?’ ‘Vergeet niet dat je haar ziet in een uitzonderlijke situatie’, zegt Vanweehaeghe. ‘Niet tijdens de dagelijkse sleur, niet tijdens een moeilijk gesprek of niet in de weer met de kinderen. Daar gaat een relatie over, niet over een avondje uit op café.’ Voel je je steevast minder dan zijn ex, hoe vaak hij ook zegt dat jij de vrouw van zijn leven bent? Dan heeft een laag zelfbeeld er wel iets mee te maken, meent Ballinckx. ‘Sommige vrouwen hebben de neiging om zichzelf altijd onder iemand anders te plaatsen. Die ander is aantrekkelijker, intelligenter, succesvoller en dus beter’, zegt ze. ‘In dat geval is jaloezie het gevolg van een persoonlijk probleem. Eigen aan mensen met een laag zelfbeeld is dat ze alles negatief invullen. Een lach, een blik, een situatie, ze zien er al snel een gevaar in en reageren jaloers.’ Terwijl het juist goed is als je partner zich positief uitlaat over zijn vroegere relaties. ‘Het betekent dat hij zijn aandeel in het fout lopen ervan ook kan erkennen’, aldus Vanweehaeghe. ‘Hoed je voor mannen die hun ex steevast afschilderen als de boosdoener.’

Omdat je twijfelt over jouw plaats in de relatie

‘Ze is altijd heel vriendelijk naar mij toe’, zegt Carolle. ‘ook als we elkaar toevallig tegen het lijf lopen. Maar ze blijft de moeder van zijn kinderen, en dus een belangrijke factor in zijn leven. Welke plaats neem ik dan in?’ ‘Er zijn weinig terreinen in het leven waarop je de beste kan zijn’, zegt Vanweehaeghe. ‘Maar in een relatie kan dat wel, daar wil jij op de eerste plaats staan. Dat wil je niet delen met een ander.’ Het is cruciaal dat je zowel jezelf als de vroegere partner van je man een plaats kan geven, meent Ballinckx. ‘Wat niet betekent dat zij slechter was, of beter. Het is vaak een aanvaardingsproces, beseffen dat die ander er altijd op een of andere manier zal zijn. Het feit dat jij en je partner voor elkaar hebben gekozen, er voor elkaar zijn, zou voldoende moeten zijn om jaloezie uit te sluiten. Maar ik zie dat het bij veel vrouwen niet lukt, zelfs al weten ze rationeel dat er geen reden tot ongerustheid is. ‘

Omdat je vreest de volgende ex te worden

‘Hij is altijd wat mysterieus gebleven over zijn vorige relaties’, zegt Margot. ‘Er is één zinnetje van hem dat is blijven hangen: ‘Mijn lieven zijn het allemaal om dezelfde reden bij mij afgetrapt. Benieuwd of jij dat ook zal doen.’ Sindsdien voel ik onderhuids de angst dat er iets mis is met hem, en dat ik dat op een dag zal ontdekken. Als we al drie kinderen hebben of zo.’ Het is cruciaal om in het begin van een relatie verhalen uit te wisselen over jullie liefdesverleden, menen beide relatietherapeutes. ‘Dat is normaal? Je bent verliefd, je wilt hem leren kennen. Tot op een bepaald niveau,  natuurlijk’, zegt Vanweehaeghe. ‘Je wilt niet horen hoe spetterend de seks met zijn ex was, maar wel hoe hij naar zijn vroegere relaties kijkt.’ Krijg je die informatie niet, ben je niet zeker wat er vroeger fout gelopen is, dan ontstaat misschien wel de vrees dat er iets niet goed zit. Hoe duidelijker je weet waarom ze uit elkaar zijn gegaan, hoe minder je je zorgen maakt en dus hoe minder jaloezie je zal voelen. Blijf je erg jaloers, ondanks pogingen van je vriend om tegemoet te komen aan je vragen, dan heeft dat misschien wel met verlatingsangst te maken. ‘De angst om in de steek gelaten te worden kan een sterke trigger zijn voor jaloezie,’ zegt Vanweehaeghe, ‘omdat je in iedere vrouw, en dus ook in zijn ex, een rivale ziet. Iemand die jouw partner waarschijnlijk zal verkiezen boven jou.’ Dat relaties vandaag ook vluchtiger zijn dan twintig jaar geleden voedt angst en jaloezie.

Omdat je negatieve ervaringen meedraagt

‘Mijn ma heeft nooit echt naar mij omgekeken’, vertelt Shanya. ‘Ze was altijd maar bezig met haar grootse carrière, ook voor mijn vader had ze weinig tijd. Hij was een heel gevoelige man, die zo goed mogelijk voor ons zorgde – naast zijn job als leerkracht. Maar in de ogen van mijn moeder was hij een beetje een sukkel. Dat is blijven hangen, ergens. Ik realiseer me nu pas dat ik altijd op zoek ga naar types die op mijn vader lijken, maar dat ik ze niet in staat acht om voor zichzelf op te komen. En ervan overtuigd ben dat elke verleidster ze mee naar huis kan nemen. Er gaan allerlei alarmbellen af in mijn hoofd als een vrouw te dichtbij komt.’ De overtuigingen die je van thuis meekreeg kunnen sterk wegen op jaloezie, erkent Ballinckx. Net als de manier waarop de hechting tot stand kwam tussen kind en ouders. Of de negatieve ervaringen die je had in vroegere relaties. ‘Heb je als kind afwijzing ervaren dan kan dat in meer of mindere mate verlatingsangst tot gevolg hebben’, zegt ze. ‘Het is een gevoel dat je niet echt kan controleren.’ Ook vorige relaties kunnen een grote impact hebben. ‘Ben je door je vroegere partner bedrogen of was je emotioneel heel afhankelijk van hem dan is er soms niet meer nodig dan een glimlachje of een blik van een andere vrouw om dat op te roepen en jaloezie op te wekken.’

Aanpak – Hoe raak je ervan af?

  • Maak duidelijke afspraken over wat wantrouwen opwekt en wat niet. Is het voor jou oké dat hij sms’jes stuurt naar zijn ex? Voel je je comfortabel als hij haar ’s avonds nog een bezoekje brengt? Hoe duidelijker, hoe minder je jaloezie een kans geeft.
  • Kijk naar de toekomst. Het heeft geen zin om het liefdesverleden van je partner tot in het oneindige uit te spitten. Sla de bladzijde om en richt je blik naar de toekomst.
  • Zoek hulp. Jaloezie is een vervelend beestje. Dikwijls beseffen vrouwen wel dat ze geen reden tot ongerustheid hebben maar raken ze niet van het gevoel af. Je huisarts kan je doorverwijzen naar een psycholoog of therapeut.

Mannen en jaloezie

Dit artikel is geschreven vanuit het standpunt van een heteroseksuele vrouw, maar ook in andere relaties speelt jaloezie op een gelijkaardige manier. Toch zouden er verschillen zijn in de manier waarop mannen en vrouwen jaloersheid ervaren. ‘Bij mannen ligt de focus op het seksuele’, zegt relatietherapeute Sybille Vanweehaeghe. ‘Vrouwen zijn dan weer voornamelijk bang voor emotionele ontrouw. Vanuit de biologie zou dat te verklaren zijn door de verschillende rol van man en vrouw. Mannen willen er zeker van zijn dat ze wel degelijk voor hun eigen nageslacht zorgen en willen dus vooral vermijden dan hun partner vreemdgaat. Vrouwen zijn dan weer vooral geïnteresseerd in een man die voor hen en de kinderen zorgt, die ze niet moeten delen met andere vrouwelijke partners.’

(Psychologies Magazine, april 2013)

Wel de lust, niet de last?

Friends with benefits is een eufemisme voor vrienden die niet alleen leuke momenten maar ook geregeld de lakens delen. Veel singles zien de voordelen van een vrijblijvende seksrelatie met iemand die ze vertrouwen. Maar is zo’n relatie ooit volledig vrij van verwachtingen? En wat zijn precies de spelregels?

Als er op een half jaar tijd twee films uitkomen over vrienden die vrijblijvend het bed delen, dan is die relatievorm duidelijk een hot topic. In No Strings Attached proberen jeugdvrienden Natalie Portman en Ashton Kutcher of ze seks kunnen loskoppelen van gevoelens. In Friends with Benefits ontdekken Justin Timberlake en Mila Kunis dat het element ‘losse seks’ hun vriendschap ernstig compliceert. Conform de huiswetten van Hollywood hebben beide scenario’s een identiek einde: de bedpartners blijken zielsverwanten en worden hopeloos verliefd. Ook in het echte leven loopt een seksrelatie vaak uit op romantische gevoelens. Maar dan meestal slechts bij een van de betrokkenen – met een veel minder happy end als resultaat.

Reële relatievorm

De term ‘Friends With Benefits’ raakte zo’n vijftien jaar geleden ingeburgerd. Hij verwijst naar vrienden die seks hebben met de duidelijke verstandhouding dat het hun bedescapades niet tot een volwaardige relatie maakt. In die zin is een seksvriendschap een veilig kader voor vrijblijvende pret tussen de lakens. Precies wat singles zoeken aan het begin van de 21e eeuw? Relatietherapeute Katrien Ballinckx is alvast voorzichtig met uitspraken over tijdskaders of mentaliteitsverschuivingen. ‘In de jaren 60 en 70 was vrije seks een statement en een bevrijding van taboes maar ik denk niet dat je een seksrelatie vandaag moet bekijken als de vertaling van een bepaalde moraal. Het is eerder een reëel gegeven. Seksueel actieve mensen blijven niet langer hun hele leven samen. Veel volwassenen zijn een tijdlang single maar hebben in die periode normale seksuele behoeftes. Dat maakt seksrelaties tot een gangbaar fenomeen.’

Nadelige voordelen?

Een onafhankelijke, zelfbewuste single haalt heel wat ‘benefits’ uit een seksrelatie. Siska (32): ‘Ik zie mezelf niet voor één nacht met een vreemde het bed induiken. Als ik al eens een onenightstand heb is het altijd met een kennis of een vriend. Mijn bedvriendschap met Jack was opportunisme van twee kanten. We konden een paar maanden lang bij elkaar terecht voor comfortabele seks.’ In de beschrijving van goed lopende seksrelaties lijken telksens drie kernwoorden terug te komen: beschikbaar, vrijblijvend en vertrouwd. Toch zijn er ook nadelen. Mieke (26): ‘Zelfs een seksrelatie houdt een zeker engagement in. Alleen al praktisch: de avonden dat je bij elkaar in bed ligt zal je niemand anders ontmoeten (lacht). Ik merkte dat ik me onbewust minder openstelde voor andere mannen zolang Rob mijn seksvriendje was. Toen heb ik er een punt achter gezet.’ Het grootste nadeel is dat de seks altijd een gevaar betekent voor de onderliggende vriendschap. Wordt een van van beiden tegen de afspraken in verliefd dan leidt dat meestal tot pijnlijke scènes vol verwijten en ontgoocheling. Niet zelden betekent het ook de doodsteek voor de vriendschap, met of zonder benefits.

Duidelijke spelregels

‘Je moet met gelijke verwachtingen aan de start verschijnen’, beklemtoont Ballinckx. ‘De deal in een seksrelatie is het bevredigen van elkaars seksuele behoeftes en niets – of weinig – meer. Als een van beiden ook intimiteit of affectie zoek zoals je die van een partner krijgt dan komen er vroeg of laat problemen.’ Naast de emotionele verwachtingen moet ook de praktische kant kloppen. Ballinckx: ‘Hoe dikwijls spreken jullie af? Komt er elke keer seks van of niet? Het is goed om elkaars ideeën op dat vlak te kennen.’ Over seksrelaties bestaan tientallen blogs. Die blokletteren allemaal: ‘ga nergens van uit, maak duidelijk afspraken!’ Siska vindt dat niet per se nodig: ‘Mijn seksrelatie ontstond spontaan, er ging geen groot gesprek aan vooraf. De impliciete signalen waren voor ons allebei duidelijk. We spraken ook nooit over de toekomst. Zonder dat het woord seksrelatie ooit gevallen is wisten we perfect dat het daarom ging.’ Ook voor Mieke zijn expliciete beloftes niet zaligmakend: ‘Voor mijn leuke seksrelatie heb ik ook een negatieve ervaring gehad. Op mijn negentiende beloofde ik een jongen op wie ik stapelverliefd was dat ik stiekem met hem zou slapen zonder dat het ergens toe hoefde te leiden. Maar hoe stoer ik ook verkondigde dat een seksrelatie genoeg was, die vanbinnen hoopte ik op meer.’

Zelfkennis en eigenliefde

‘Je moet een zekere mate van zelfkennis hebben om eerlijk te kunnen zijn met je seksvriend’, beaamt Ballinckx. ‘Als je bepaalde behoeftes en gevoelens bij jezelf niet durft erkennen kan je gedrag niet samenvallen met je woorden. En dan dreigt een emotionele kater.’ De wrange nasmaak van friendships with benefits lijkt helaas eerder de regel dan uitzondering. Een kleinschalig onderzoek onder Amerikaanse studenten geeft aan dat 50% van de mannen en 90% van de vrouwen een seksrelatie na afloop betreurt. Is de hele constructie misschien een aanslag op het gezonde, vrouwelijke narcisme? Katrien Ballinckx: ‘Een vrouw die uitvoerig gaat analyseren waarom een man haar wel wil als vriendin en als bedmaatje maar niet als vaste partner kan beter nooit aan een seksrelatie beginnen. Als je met zulke vragen worstelt is het gewoon niet je ding.’ Enige nuchterheid en onafhankelijkheid zijn dus onontbeerlijk. Mieke: ‘Voor mij is Rob een seksvriend maar geen partnermateriaal omdat ik een ambitieuze perfectionist ben en hij een laisser-fairetype. We staan heel anders in het leven – ik veronderstel dat hij dat ook zo ziet. Met een vaste partner wil je over belangrijke dingen hetzelfde denken. Bij een vriend maakt dat niet zoveel uit.’

All-exclusive

Veel betrokkenen interpreteren een seksrelatie als speels en niet-bindend maar wél als exclusief. Sheila (39): ‘Na mijn scheiding ging ik regelmatig op stap met collega’s. Mijn hoofd stond helemaal niet naar de liefde maar aan mijn seksrelatie met Diederik beleefde ik veel plezier. Hij was een goede minnaar en we konden fijn praten over onze exen. Verliefd ben ik geen seconde geweest. Toch was het een koude douche om via een omweg te ontdekken dat Diederik nog een andere seksvriendin had. Dat gaf me een goedkoop en zelfs gebruikt gevoel.’ Ook discretie staat doorgaans hoog aangeschreven. Hans (21): ‘Ik ben geen vlotte versierder maar ik heb zoals iedereen regelmatig goesting. Toen een knappe vriendin van mijn jongere zus aangaf dat ze een seksrelatie wel zag zitten vond ik dat een goed idee. Wist ik veel dat ze onze regeling overal zou rondbazuinen. Dat was niet de afspraak, en ik neem het haar kwalijk. Een seksrelatie is niks om je voor te schamen maar ik wil er in mijn sociale cirkel nu ook niet het uithangbord voor zijn.’

Gretige veertigers

Is de friend with benefits voor de (emotionele) puber wat het imaginaire vriendje is voor de peuter: veilig gezelschap op een onzekere ontdekkingstocht? Ballinckx benadrukt dat het fenomeen niet in de eerste plaats leeft bij jongeren: ‘Terwijl studenten experimenteren met seks en seksrelaties zie ik een toenemend aantal veertigers dat bewust kiest voor die relatievorm. Mensen met scheidingsperikelen, jonge kinderen of drukke carrières zien een nieuwe relatie soms een tijdlang niet zitten maar hebben wel seksuele behoeftes. Een seksrelatie met een gelijkgestemde ziel kan dan een prima oplossing zijn.’ Soms is het inderdaad minder intiem om met iemand de lakens te delen dan samen een zondag door te brengen. Ballinckx: ‘Alleenstaande mama’s zijn ontzettend voorzichtig met nieuwe mannen in hun leven. Toch moet je het onderscheid maken. Een vrouw die dolt met een collega voor wie ze geen romantische gevoelens heeft zit in een seksrelatie. Een vrouw die haar minnaar voorlopig niet aan haar kinderen voorstelt zit in het beginstadium van een relatie.’ Het verschil tussen een bedvriendschap en een prille liefdesverhouding blijkt zowel onder twintigers als onder veertigers een grijze zone. Vaak is het minder een kwestie van liefde dan van onverwacht opflakkerende hoop.

Liever mogen dan moeten

Ontluikende gevoelens en dagdromen over de toekomst zijn nefast voor een friendship with benefits. Hebben vrouwen daar sneller last van dan mannen? ‘In tantra, een eeuwenoude spirituele stroming, bekijken we seks als een energetische cirkel’, klinkt het bij Ballinckx. ‘De man penetreert en geeft seksuele energie aan de vrouw. Die stroomt naar haar hart van waaruit zij liefde zendt naar de man. De ontvangen hartenergie daalt bij hem af naar de geslachtsorganen.’ De tantrische cirkel is een mogelijk verklaringsmodel waarom vrouwen in een langdurige seksrelatie ongewild gevoelens kunnen ontwikkelen. Er stroomt energie naar hun hart en die moet er weer uit. Ballinckx: ‘Het is een mogelijke verklaring, geen ijzeren wet. Ik ken in mijn persoonlijke kring vrouwen voor wie een seksrelatie wel degelijk werkt.’ In de volksmond belooft friendship with benefits lust zonder last. En dat vinden heus niet alleen mannen een aantrekkelijk aanbod. Katrien Ballinckx doorprikt de boutade: ‘Een seksrelatie heeft een andere focus dan een volwaardige relatie. Friends with benefits kijken naar het nu, naar zichzelf, naar plezier. Liefdespartners richten zich op de toekomst, op de ander, op engagement. Een vaste relatie is meer dan een seksrelatie aangevuld met verplichtingen. In een vrijwillig opgenomen liefdesengagement schuilt immers ook veel moois.’

‘Ik hou er een kater aan over die niks met seks te maken heeft’

Siska (32): ‘Drie jaar geleden kwam ik in een tuincentrum een oude klasgenoot tegen. Jack is een mooie jongen en een onvervalste flierefluiter. We spraken af om eens bij te praten tijdens een etentje. Na onze derde date belandden we in bed. Die eerste keer leidde als vanzelf tot een seksrelatie. Zonder expliciete afspraken voelden we allebei dat daar de grens lag voor ons. Ik zou nooit kinderen willen met Jack. Ik vond hem leuk gezelschap maar kon geen lange gesprekken met hem voeren. Ik had ook geen zin om hem aan mijn vrienden of familie voor te stellen. Jack is het type dat luidop verkondigt dat alle mannen vreemdgaan. Omdat we dezelfde verwachtingen hadden ging het een tijdje goed. Tot ik door kleine dingen het gevoel kreeg dat hij profiteerde. Jack had een nogal schimmige levenswandel. Ik ben quasi zeker dat ik niet zijn enige seksvriendin was, maar ik heb er nooit naar gevraagd. Ik hoefde het niet te weten. Dat ik een kater overhoud aan de hele episode heeft eigenlijk niks met seks of liefde te maken. Jack maakte voortdurend spullen stuk in mijn huis en nam ongevraagd dingen mee. Op den duur vond ik dat een gebrek aan respect.’

‘Zelfs een seksrelatie vraagt een minivorm van commitment’

Mieke (26): ‘Rob en ik waren al acht jaar goede vrienden toen we twee zomers geleden in een Brusselse disco begonnen te kussen. We waren lichtjes aangeschoten en eindigden in bed. De volgende ochtend moesten we lachen: ‘Hoe zijn we hier beland?’ Ik had nooit op die manier over Rob gedacht. We zwoeren dat het eenmalig zou zijn. Maar een week later gingen we uit met dezelfde groep, ik kon een slaapplaats in Brussel gebruiken, het was al eerder gebeurd… Onze seksrelatie heeft die hele zomer geduurd. Er waren geen afspraken omdat we geen gevoelens hadden. Daarover speelden we meteen open kaart. Zolang het duurde was het een prettige, wekelijkse gebeurtenis. Na drie maanden hebben we er een punt achter gezet. Zelfs een seksrelatie vraagt toch een minivorm van commitment. Er kruipt tijd in en je stelt jezelf niet langer open voor anderen. We vonden het ook vervelend dat onze vrienden voortdurend vroegen hoe het nu zat tussen ons. Rob en ik zijn nog altijd goed bevriend. We hebben intussen allebei een korte relatie gehad en Rob heeft me zelfs getroost toen ik liefdesverdriet had. Eigenlijk is onze seksrelatie sinds kort weer opgeflakkerd. Ze staat nu wel op een lager pitje, ongeveer een keer per maand.’

(Psychologies Magazine, december 2011)